Lockdown

•

Gisteren werd het zusje geboren. Het zusje van mijn kinderen — maar niet mijn dochter. Het is de dochter van mijn ex-echtgenoot en zijn veertien jaar jongere vriendin.

Bijna exact vier jaar geleden kon ik niet meer. Kon ik het huwelijk met de vader van mijn kinderen niet meer volhouden. Na veertien jaar heb ik het opgegeven. Een jaar later zou ik ook financieel aan de grond zitten — na een niet zo aangename scheiding. Hij begon onmiddellijk na ons einde een nieuw leven met de moeder van het zusje. Een begin waarvan hij zei dat hij sterk twijfelde “of het wel lang zou duren.” Dat zei hij nadat we de scheidingspapieren ondertekenden, die zomer. Hij kon het niet laten me te vertellen dat hij een nieuwe vriendin had. Ik kon het niet laten te zeggen: “Dan krijg je maar geen kinderen meer bij.” Dat hij daar dan weer doodongelukkig van zou worden.

Harde woorden, na een harde strijd. Een strijd om mijn huis, een strijd om mijn inkomen. Een harde strijd, die nooit over de kinderen mocht gaan. Een strijd die hij zo speelde dat ik na een jaar nog meer uitgeput was dan voordien. Maar tegelijk kon ik het aan. Wolven vechten, weet je — tot het bittere einde. Ze verdedigen hun kroost. Niet mijn jongens mochten hieronder lijden, hield ik me voor. Mijn jongens, die ik met de hulp van wijze vrouwen op deze wereld zette.

Toen leefde ik nog met angst. Een angst waar ik geen zicht op had, die me in zijn greep hield — en ik kon alleen maar verder strijden. Niet wetend waartegen, waarvoor. Maar telkens verder. Nu zie ik dat. Nu wel.

Het is vandaag ook de eerste dag van de lockdown — al mogen we het zo niet noemen. De lessen zijn opgeschort. Enkel levensmiddelenwinkels mogen open blijven, andere zaken alleen doordeweeks. We moeten op afstand van elkaar blijven — één meter. Hoesten in onze elleboog, geen handen geven, veel handen wassen.

Het lijkt wel een oorlog. Een oorlog tegen ons systeem — niet enkel tegen ons lichaam, maar tegen heel ons economisch bestel. Na dit zal er iets veranderen. Dan zullen de zorg, en vooral de vrouwelijke zorgverleners, het niet meer pikken dat er met hen gesold wordt. Ze zullen opstaan. We zullen zien.

Vorige week las ik dat de zelfstandige crèches de beloofde subsidies niet gaan ontvangen. En dat terwijl ze zich nu, door Corona, in de frontlinie bevinden. Maak dat maar waar, overheid. Het zal niet lang duren.

Al een tijdje niets meer gehoord van hem — de man die me enkele weken geleden over de dansvloer liet zweven.

•